History

INLEIDING
Na de onafhankelijkheid van de Republiek Indonesië kwam in de jaren 50/60 van de vorige eeuw, een grote migrantenstroom van Indische Nederlanders en Molukkers met hun gezinnen, naar Nederland. Onder hen waren veel KNIL (Koninklijke Nederlands Indische Leger) militairen en/of hebben er gediend als Nederlandse onderdanen. Zij brachten hun gewoontes en cultuur uit het tempo doeloe (de vroegere tijd) van Nederlands-Indië, thans Indonesië, mee.
De ontvangst in Nederland was kil te noemen, aangezien Nederland zelf bezig was met de wederopbouw van het land na de verwoestingen van de 2de wereldoorlog. Van een goede opvang met huisvesting in luxe woningen en/of bungalows en andere voorzieningen zoals asielzoekres heden tendage wel ontvangen, was toentertijd geen sprake.
Daarnaast werd integreren en assimileren zo goed als verplicht gesteld. De Indonesische taal mocht niet gebezigd worden, men mocht uitsluitend Nederlands spreken. Geheel anders  dan in deze tijd waarin allochtonen wel in hun eigen taal mogen blijven spreken. Mede hierdoor zijn veel Indische families hun taal en gewoontes kwijtgeraakt en velen vanhen spreken tegenwoordig nauwelijks tot geen woord Indonesisch meer. Sommigen echter bleven trouw aan taal, cultuur en gewoontes, maar dan alleen binnenshuis.
Deze mensen die toen uit het gloednieuwe republiek Indonesië in Nederland aankwamen, hadden een achtergrond, tradities, gewoontes en gedrag die totaal onbekend was, niet alleen voor de doorsnee Nederlander maar ook voor de Nederlandse overheid.
Midden jaren 60 tot midden jaren 70 van de vorige eeuw, kwam opnieuw een nieuwe migrantenstroom vanuit diverse gebieden, steden en eilanden uit Indonesië naar Nederland toe. Het merendeels van hen hebben de Indonesische scholing en de opbouw en ontwikkelingen van Indonesië meegemaakt.
Het overgrote deel van deze groep Indische Nederlanders, Molukkers en Indonesische mensen zijn tenslotte goed geïntegreerd in de Nederlandse samenleving, echter niet geassimileerd. Assimilatie betekent immers het verdwijnen van de eigen cultuur en identiteit.  
Dat veel Nederlanders niet geinformeerd waren, komt omdat gedurende een periode van bijna 60 jaar, alles wat met de 350-jarige voorgeschiedenis in Nederlands-Indië te maken heeft, hier politiek taboe was. Er was sprake van gene en schaamte over het feit dat Nederland koloniën had. Over de Indische (Indonesische) geschiedenis werd op vrijwel alle scholen gezwegen. Zelfs de geografie van het kolosale eilandenrijk van de Indonesische archipel, die ookwel de gordel van smaragd werd genoemd, ooit bestuurd door de Nederlandse regering, was bij de meeste schoolkinderen onbekend.

DE CULTUUR EN KUNSTEN 
Naast de cultuur en hun gewoontes brachten de mensen die uit Indonesië kwamen ook hun muziek, dans en kookkunsten mee. Daarnaast brachten zij de Indonesische zelfverdedigingskunst Pencak Silat mee. Een evenement dat ook werd geintroduceerd in Nederland is de Pasar Malam, de avondmarkt. Hier kon men elkaar ontmoeten en zich wanen in de tijd van tempo doeloe.
De eerste Pasar Malam werd georganiseerd door stichting Tong Tong te Den Haag en is tot en met de dag van vandaag de grootste en druk bezochtste Pasar. Thans wordt haast in ieder stad wel een Pasar Malam georganiseerd. Men treft er allerhande Indonesische kunstnijverheid artikelen, traditionele klederdrachten uit diverse gebieden van de Indonesische archipel, en treden er culturele dans en muziekgroepen op. Ook de Indonesische vechtkunst Pencak Silat wordt door diverse scholen in Nederland gedemonstreerd.

Een Pencak Silat vechtdemonstratie door leden van Perguruan "TRI-Bhakti" tijdens de 30ste Culturele Pasar Malam op 6 oktober 2007 te Nijmegen.
 

Mede omdat er in Nederland er een grote behoefte is naar goede informatie en voorlichting over de Indonesische culturele en traditionele kunsten, en in het bijzonder over de Indonesische zelfverdedigingskunst Pencak Silat, is een stichting in het leven geroepen. Dit met als doel dan wel met dien verstande de aanwezige verwarringen en onbegrippen weg te nemen die binnen de Nederlandse samenleving is ontstaan, en de symphatisanten en/of belangstellenden voor de Indonesische kunsten en het land Indonesië, middels juiste informatie/voorlichting te geven.
Hierdoor ontstond de stichting Warisan Budaya Indonesia, wat de Indonesische culturele erfgoed betekend. Deze werd op 10 november 1988 te Nijmegen opgericht.  

DOELSTELLING
De Stichting Warisan Budaya Indonesia heeft als doel;
a) Het promoten van het land Indonesia, haar kunst, cultuur en tradities en in het bijzonder de Indonesische Zelfvededigingskunst Pencak Silat.
b) Informatie en voorlichting te bevorderen van de Indonesische Zelfverdedigingskunst Pencak Silat conform de traditionele en officiële bronnen en richtlijnen van de wettige instanties en erkende organisaties en Pencak Silat Perguruans (trainingsleerscholen)
c) Het bevorderen van uitwisselingen, samenwerking en vriendschapsbanden met betrekking tot de relatie Nederland en Indonesië.